Ben ik nou gestresst, opgebrand of overspannen?

Gemiddeld verzuimt iemand met overspanningsklachten veel korter dan iemand met een burn-out. Gemiddeld 11 weken bij overspanning, 11 maanden bij een burn-out.

Voor je gevoel maakt het misschien niet uit welk stempeltje er op je gedrukt wordt. Je voelt je beroerd en daar wil je vanaf. Toch is het goed om een onderscheid te maken tussen klachten die op een burn-out kunnen duiden of met overspanning te maken hebben. De weg naar herstel is namelijk echt verschillend.

Stress: je bent de regie kwijt

Stress, zeker werkstress, is een belangrijke oorzaak van overspanning of burn-out. Simpel gezegd kun je stress krijgen als je iets moet doen wat je eigenlijk niet wilt of kunt. Er overkomt je iets waar je niet voor gekozen hebt en aanvankelijk ook geen grip op hebt. Werkdruk bijvoorbeeld, of een gevoel van onveiligheid. Duurt stress lang en kun je niet meer uit een stressvolle situatie stappen, dan is het risico op uitval groot.

Overspannen: een normale reactie op een uitzonderlijke situatie

Helaas bestaat het leven niet alleen uit hoogtepunten. We maken allemaal dingen mee die ons uit evenwicht kunnen brengen. Een scheiding. Overlijden, ziekte. Zorgen om je kinderen, je ouders of je financiën. Maar ook op je werk kan het tegenzitten. Dreigend ontslag, hoge werkdruk, een flinke ruzie of een verhuizing van je bedrijf kunnen je zo uit evenwicht brengen dat je er last van hebt. Als een aantal gebeurtenissen op 1 moment samenkomen, of de gebeurtenis overheerst je leven, dan kan het je te veel worden en ga je gebukt onder te veel spanning. Dan ben je letterlijk overspannen. Je zit emotioneel aan de grond, bent bekaf en voelt je voortdurend onrustig.

Bezinning, rust en overzicht

In alle hectiek kun je de grip op jezelf en je omgeving kwijt raken. Dat voelt als paniek en machteloosheid. Je krijgt de puzzel niet meer gelegd.

Als je overspannen bent, kan al genoeg zijn als iemand helpt op alles op een rijtje te krijgen. Je ziet dan door de bomen het bos weer, je weet waar je aan kunt werken, wat je moet accepteren of veranderen.

Wanneer de situatie ten goede verandert of als je meer grip ervaart, kun je bij overspanning meestal vrij snel weer aan het werk. Je veerkracht is nog intact.

Opgebrand: je veerkracht is weg

Bij een burn-out zijn het niet zo zeer de uitzonderlijke omstandigheden, maar de ‘normale’ patronen die maken dat je uitvalt. Je bent bijvoorbeeld gewend om altijd ‘ja’ te zeggen als iemand iets van je vraagt. Je werkt het hardst van iedereen, hebt een enorm plichtsbesef, voelt je overal verantwoordelijk voor of wilt het liefst dat iedereen het goed heeft. Je bent zo gewend om dit te doen, dat het een gewoonte is geworden die bij je past, waar je niet meer bij nadenkt. Ook voor jouw werkomgeving is het normaal dat je zo hard werkt. Omdat je nooit ‘nee’ zegt, krijg je er alleen maar meer werk bij. Het lijkt wel of niemand rekening met je houdt.

Tot er een moment komt dat het op is. Een kleine gebeurtenis kan er voor zorgen dat je omvalt. Een onaardige klant, een lekke band, een trein die je mist. Meestal is dat niet het enige wat er aan de hand is. Je leeft al heel lang met bijna ondraaglijke stress, die voor jou niet ondraaglijk voelt omdat het de dagelijkse realiteit is.

Eerst de basis op orde, daarna werken aan verandering

Als je opgebrand bent, moet je langdurig herstellen. Je energie- en hormoonhuishouding is ernstig verstoord. Pas als die basis goed is, kun je denken aan werkhervatting of het oppakken van je taken. Eerst uitrusten, maar wel een dag- en nachtritme aanleren. Dingen doen waar je plezier aan beleeft, maar al lang niet meer aan toe gekomen bent. Merken dat je concentratievermogen vooruit gaat.

En ondertussen niet het contact kwijt raken met je werk. Want als je verbonden blijft, is de weg terug gemakkelijker. Een terugkeerplan kan je helpen.

Als de basis weer hersteld is, zullen er op je werk een aantal zaken moeten veranderen. Misschien moet jij leren om vaker je grenzen aan te geven, maar is het tegelijk net zo belangrijk dat anderen jouw grenzen kennen en respecteren. Herstellen van een burn-out doe je door nieuwe patronen aan te leren, die gezond zijn en passen bij wie je wilt zijn.

Kan het ook iets anders zijn?

Voel je je langdurig neerslachtig, uitgeput, lusteloos, ongelukkig of onzeker, dan is het goed om met een huisarts of psycholoog te praten. Het kunnen niet alleen tekenen zijn van overspanning of een burn-out, maar ook van bijvoorbeeld een depressie.

Het is dus van groot belang dat er een goede diagnose wordt gesteld als je met stemmings- of energieklachten te kampen hebt. Een huis- of bedrijfsarts kan je doorverwijzen naar een GZ-psycholoog, die jou kan helpen om jouw klachten te duiden.

Wat doet Bureau Beter Werken?

Bureau Beter Werken coacht en ondersteunt bij de terugkeer naar werk en gezondheid. Als jij (of jouw leidinggevende/hr-manager/bedrijfsarts) je aanmeldt voor hulp of begeleiding, bespreek ik altijd met je wat je klachten zijn, maar ook hoe (en of) de diagnose is gesteld. Deze informatie is de basis voor ons herstelplan. Hoe en hoe snel je weer aan de slag kunt, hangt af van hoe het nu met je gaat.

Voordat we aan de slag gaan, wil ik de herkomst en ernst van jouw klachten goed kennen. We stellen aan de hand van een aantal objectieve, betrouwbare vragenlijsten vast wat de mate van jouw burn-out- of overspanningsklachten is. Jouw begeleidingstraject wordt afgestemd op wat jij vervolgens nodig hebt.

Is er een vermoeden dat er iets anders aan de hand kan zijn dan overspanning of burn-out, dan adviseer ik je welke vervolgstappen je het beste kunt zetten.

Heb je vragen over de werkwijze van Bureau Beter Werken of wil je eens praten over wat jij in jouw situatie nodig hebt? Bel gerust:  06-51000071.